Inleiding.
Het inzetten van duurzame energiebronnen voor onze energiehuishouding staat de laatste jaren flink in de belangstelling. Klimaatverandering en afhankelijkheid van snel slinkende fossiele energievoorraden liggen hieraan ten grondslag. Toch wil het maar niet lukken om grootschalig gebruik van duurzame energie van de grond te krijgen. Waar ligt dat toch aan ?

Het monetair systeem.
De oorzaak van het falende beleid t.a.v. duurzame energie is het monetair systeem. Een
monetair systeem reguleert o.a. de creatie van geld. In ons monetair systeem wordt geld gemaakt uit schulden. Inflatie en rente zijn niet alleen het gevolg maar ook de oorzaak dat de schulden (en dus de creatie van geld) alsmaar toenemen. Een piramidespel dus. Een belangrijk gevolg van deze alsmaar grotere schuldenlast is dat ALLE activiteiten en beslissingen in onze maatschappij gerelateerd moeten zijn aan WINSTGEVENDHEID. Zoniet, dan stort de piramide in. Ook investeringen in duurzame energiebronnen zijn pas mogelijk als er voldaan wordt aan een bepaald financieel rendement. Maatschappelijk of sociaal rendement is niet relevant in ons monetair systeem.

Het probleem met duurzaamheid.
Een monetair systeem dicteert dus winstgevendheid. Zolang er niet aan deze eis is voldaan wordt elke investering een zinloze actie. Voor duurzame energie zijn dus NIET DE KOSTEN MAAR DE WINSTGEVENDHEID het belangrijkste argument voor een investeerder. En daar zit het werkelijke probleem.

Energie transitie.
Vroeg of laat zijn de fossiele energievoorraden te klein om aan de energievraag te voldoen. Het is dus zaak om op tijd 'over te schakelen'. Een overgang of transitie naar duurzame energie zal echter enige tijd in beslag nemen. Schattingen lopen uiteen van 40 tot 100 jaar. Tijdens de transitie moet de nieuwe (duurzame) energiebron concurreren met de oude (fossiele) energiebron. Om voor duurzame energie toch de benodigde investeringen aan te trekken is het zaak de nieuwe bron kunstmatig net zo winstgevend te maken als de oude bron. In de praktijk blijkt dat helaas moeilijker dan gedacht.

Erneubare Energien Gesetz (EEG).
Het EEG is een stimuleringsregeling (geen subsidieregeling) voor de productie van duurzame electriciteit. Het bestaat uit zwaar verankerde wetgeving die regelt dat electriciteit, opgewekt uit duurzame bronnen, 'voorrang' krijgt op electriciteit uit fossiele bronnen. Ook wordt er een vaste vergoeding betaald voor geleverde duurzame electriciteit. Met andere woorden, de regeling voorziet in een verplichte afname van duurzaam opgewekte electriciteit voor een gegarandeerde prijs. Deze garanties worden afgegeven voor een periode van 20 jaar per installatie en de regeling staat open voor iedereen (burgers en bedrijven).

De Fossiele Lobby.
Als duurzame energiebronnen winstgevend worden gemaakt zal dat het monopolie op fossiele energie doorbreken. Met andere woorden, het zal ten koste gaan van de winstgevendheid van de exploitanten van fossiele bronnen. Zij zullen daartegen in het geweer komen. En daar blijft het niet bij. Ook diensten en producten die afhankelijk zijn van fossiele energie zoals fabrikanten van gasketels of de autoindustrie zullen hun omzet zien dalen. Teneinde de winstgevendheid te waarborgen zal daarom een lobby gestart worden. Deze 'fossiele lobby' schuwt uiteraard geen enkel middel om de duurzame bron 'zwart' te maken. Er staat tenslotte een hoop geld op het spel.

Stimuleren van duurzame energie.
Het is dus niet verbazingwekkend dat de meeste pogingen om duurzame energie te stimuleren tot niets of bijna niets hebben geleid. Zelfs in 'democratisch' bestuurde landen lukt het maar niet om de energievoorziening voor het nageslacht te waarborgen en 'iets' te doen aan het dempen van de effecten van klimaatverandering. Een monetair systeem als het onze zal dat ook nooit toestaan. Hoewel..., er is een land dat een antwoord gevonden lijkt te hebben voor dit probleem. Het is buurland Duitsland en de oplossing heet 'Erneubare Energien Gesetz' (vrij vertaald, de Wet op Duurzame Energie).

Wat maakt het EEG succesvol.
We hebben gezien dat de effecten van ons monetair systeem de introductie van duurzame energie te laat, of geheel niet, zal toestaan. Het succes van het EEG zit met name in het onderkennen van deze effecten. Het EEG geeft duurzame electriciteit daarom een bijna grondwettelijk beschermde status en tegelijkertijd garandeert het de noodzakelijke winstgevendheid. De belangrijkste speerpunten van de regeling zijn dan ook:
- een staatsrechtelijk wettelijk fundament (investeringszekerheid).
- doorbreken van het monopolie op fossiele energie (afnameverplichting).
- voldoen aan een eis voor winstgevendheid.

Doelstelling EEG.
Wat men in Duitsland met het EEG precies wil bereiken is niet helemaal duidelijk. Hoewel het EEG theoretisch een complete energietransitie voor haar rekening kan nemen lijkt de lat in Duitsland wat lager te liggen. Het Duitse EEG richt zich in eerste instantie op het realiseren van een bepaald aandeel duurzaam opgewekte electriciteit. De huidige doelstelling is 30% duurzame electriciteit in 2020. Toch is het een gemiste kans dat het EEG niet wordt ingezet voor een langetermijnvisie. Dit omdat het tempo waarmee Duitsland haar energievoorziening verduurzaamd (0,5%/jaar) te laag ligt om op tijd, in minder dan 100 jaar, een transitie te voltooien.

EEG, de financiering.
Energie uit duurzame bronnen is op dit moment niet (of niet genoeg) winstgevend. Om de duurzame bron winstgevender te maken is met behulp van het EEG een soort prijsafspraak gemaakt, de EEG-vergoeding. Deze EEG- vergoeding moet winstgevendheid garanderen. Met andere woorden, de duurzame electriciteit wordt opgekocht tegen de kostprijs plus een winstmarge (de EEG vergoeding). Daarna wordt de energie aangeboden aan afnemers voor de geldende marktprijs. Zolang de marktprijs lager is dan de geldende EEG-vergoeding ontstaan er dus kosten. Deze kosten, het verschil tussen de EEG-vergoeding en de marktprijs, worden verhaald op de energieverbruikers (de vervuiler betaald). Het huidige EEG verdeelt de kosten evenredig over ALLE verbruikers van electriciteit (burgers EN bedrijfsleven) maar met uitzondering van zeer energie-intensieve verbruikers zoals bijvoorbeeld de spoorwegen en de aluminium-industrie. Deze speciale categorie betaalt op dit moment een gereduceerd (vast) tarief van 0,05 eurocent/kWh terwijl de overige verbruikers 3,5 eurocent/kWh betalen.

EEG, de kosten.
We hebben gezien dat de kosten van de EEG-regeling evenredig verdeeld worden over het (electra)verbruik. Dat gebeurt dus middels een opslag per kilowattuur electriciteit. De hoogte van deze opslag is afhankelijk van: (1) het totaalverbruik, (2) het totaal aan EEG-vergoedingen en (3) de geldende marktprijs. Het berekenen van de opslag kan op verschillende manieren uitgevoerd worden.

voorbeeld 1:
EEG-vergoedingen € 16 miljard
Marktprijs vergoedingen € 6 miljard
EEG-kosten € 10 miljard
Totaal verbruik 500 TWh (500 000 000 000 kWh)
EEG-opslag € 0,02/kWh

voorbeeld 2:
Gemiddelde EEG-vergoeding per kWh € 0,14
Marktprijs electriciteit per kWh € 0,06
EEG kosten per kWh € 0,08 (€0,14 - €0,06)
Aandeel duurzame electriciteit 25%
EEG opslag € 0,02/kWh (25% van €0,08)

Een huishouden met een jaarverbruik van 3500 kWh betaald dan €70,- aan EEG-opslag (ex-BTW).
En een bedrijf met een jaarverbruik van 750.000 kWh betaald €15.000,- aan EEG opslag (ex-BTW).
Voor de berekening van de EEG-opslag (duits: EEG-Umlage) hanteert men in Duitsland de berekening volgens voorbeeld 2.

EEG, toekomstige kosten.
De kosten van het EEG worden dus veroorzaakt door het verschil in prijs van de EEG-vergoeding en de geldende marktprijs. Naar verwachting zal de marktprijs van electriciteit de komende decennia stijgen doordat fossiele energievoorraden schaarser worden. Een stijgende markprijs heeft een dempend effect op de EEG-kosten. Wanneer ook het aandeel duurzame electriciteit toeneemt zullen de EEG-kosten weer hoger uitvallen. Men hoopt uiteraard dat beide effecten elkaar in balans houden zodat de EEG-toeslag enigzins stabiel blijft.

Prijsontwikkeling van Duurzame Energie.
Degressie in het EEG is een gevaarlijk mechanisme, want wie garandeerd eigenlijk dat duurzame energietechnieken alsmaar goedkoper worden. Innovatie en massaproductie zijn altijd weer het argument. De hamvraag is of er überhaupt nog sprake is van innovatie. En hoe zit het eigenlijk met die massaproductie.

- Massaproductie.
Het tweede argument is massaproductie. Massaproductie is een middel om de productiekosten te verlagen. Massaproductie is realiteit op het moment dat een product "aan de lopende band" vervaardigd kan worden. Met andere woorden, alle facetten van het productieproces zijn volledig onder controle. Bij massaproductie is het productieproces vaak verregaand geautomatiseerd of gemechaniseerd. Alle handelingen zijn gestandariseerd en de nog aanwezige productiemedewerkers zijn procesmedewerkers geworden met weinig of geen specialisatie. Massaproductie van windmolens, zonnecellen, warmtepompen, vergistinginstallaties en zonnecollectoren zijn inmiddels al jaren een feit. Kijk alleen maar eens naar het tempo waarmee zonnecellenfabrieken uit de grond worden gestampt. Nog meer massaproductie levert dan wel een groter volume aan producten maar niet vanzelfsprekend tegen veel lagere kosten.

voorbeeld 3.
Het jaar is 2040, gemiddelde inflatie is 2,5% per jaar (~200% over 30 jaar)

Gemiddelde EEG-vergoeding €0,28 (door inflatie is DE 2x zo duur geworden)
Marktprijs electriciteit €0,18/kWh (marktprijs electra is 3x zo duur geworden)
EEG kosten per kWh €0,10
Aandeel duurzame energie 80%
EEG opslag €0,08 (inflatie gecorrigeerd €0,04)

Uit dit 'worse case' scenario blijkt dat het EEG systeem behoorlijk robuust is en zeker niet zal leiden tot het totaal uit de hand lopen van de kosten. De kans is dus erg klein dat burgers en bedrijfsleven worden opgezadeld met torenhoge lasten. Worden die lasten toch te hoog dan kan men besluiten plafonds in te stellen voor het aantal nieuw te bouwen DE installaties.

Degressie, de achilleshiel van het duitse EEG.
We zijn dus tot de conclusie gekomen dat de kosten van het EEG beheersbaar zijn. In de Duitse versie van het EEG heeft men echter een extra veiligheid ingebouwd. Deze extra veiligheid heet degressie. Degressie in het EEG betekent dat de vergoedingen voor electriciteit uit nieuwe DE-installaties jaarlijks met een zeker percentage gekort wordt. De verwachting is namelijk dat duurzame energie steeds goedkoper zal worden door innovatie en kostenbesparingen (massaproductie). Dat klinkt echter als "De wens is de vader van de gedachte". Komt de wens niet uit dan zal (door degressie) de winstgevendheid uiteindelijk onvoldoende zijn om verdere investeringen te rechtvaardigen. De groei van duurzame electriciteit kan daardoor in gevaar komen of zelfs volledig stilvallen.

- Innovatie.
De meeste duurzame energietechnieken bestaan al tientallen en soms al honderden jaren. Daardoor is er nauwelijks nog sprake van innovatie. De meeste energietechnieken zijn al heel lang zo goed als volmaakt. Natuurlijk valt er hier en daar nog wel een procentje te winnen maar echt goedkoper zal het daardoor niet meer worden. Eerder duurder. Bedenk ook dat elke energietechniek fysische
beperkingen kent. Het perpetuum mobile bestaat niet. Zowel stoomturbines als windmolens worden qua rendement gelimiteeerd door de geldende natuurwetten. Ook zonnecellen hebben daar "last" van. De limieten aan wat technisch haalbaar is zijn al bereikt.

Degressie en het EEG.
Het moge duidelijk zijn. Degressie hoort niet thuis in het EEG behalve als je van mening bent dat het een tijdelijke regeling moet zijn. De huidige versie van het Duitse EEG kent bijvoorbeeld degressie-percentages voor zonnestroom tot maar liefst 21% per jaar. Je kunt dus rustig stellen dat het Duitse EEG een, door de fossiele lobby afgedwongen, tijdelijke regeling is. Feitelijk een 'gepolderd EEG' dus, dat in haar huidige vorm over 10 jaar niet eens meer bestaat.

Een Nederlands EEG ?
In Nederland bepleiten voorstanders van duurzame energie al jaren dat ook hier een EEG regeling ingevoerd moet worden. De kans daarop lijkt echter zeer klein. Immers, de energielasten van bedrijven zullen daardoor flink gaan stijgen omdat het bedrijfsleven in Nederland zo goed als GEEN energiebelasting betaald. Bovendien is Nederland belastingparadijs nummer 2 in de wereld met een zeer machtige, ondemocratische Haagse lobby en dat wil men vooral zo houden. Bedrijven zijn conservatieve en uiterst kwetsbare instellingen als het gaat om aanpassen of veranderen. Dat verklaart ook hun starre houding in het energiedebat. Een beetje duurzaam mag, maar het moet niet te gek worden. En mocht de fossiele energie echt opraken dan verkast men het bedrijf simpelweg naar een land dat de energiehuishouding wel op orde heeft (zonder daar ooit een cent aan meebetaald te hebben).

In Nederland bestaat, goed beschouwd, geen politieke wil (laat staan kennis) om onze energiehuishouding structureel te verduurzamen. Een Nederlands EEG is daarom gedoemd te mislukken door een chronisch gebrek aan visie, daadkracht en vooral kennis. Deze lakse houding zal uiteindelijk op de burger worden verhaald. Tsja, wie dan leeft, wie dan zorgt.

Het advies is dan ook, voor u als burger, om vooral niet langer af te wachten maar ZELF aan de slag te gaan met het realiseren van een duurzame huishouding. Het kan al lang en het mag nog steeds. Maar maak uzelf vooral niet belachelijk door er geld mee te willen verdienen.

Das Erneubare Energien Gesetz (EEG).

Het Duitse Model ter Stimulering van Duurzame Energie.

Reacties en wetenswaardigheden over de wereld van (duurzame) energie.